Maand gedicht mei 2018

WEILAND MET STOELEN

 

Je hebt er nooit bij stilgestaan

en ineens is het zo: je ziet

hoe stoelen in de kamers

 

van het huis hun tafels hebben

achtergelaten. Uiteindelijk lukt

het je om de klemmende ramen

 

te openen. Het waait harder

dan je dacht. Je laat je ogen

los. Ze fladderen. Ze klapwieken.

 

Het worden scherende merels.

In een weiland strijken ze neer

op leuningen. Van bekende stoelen.

 

(F.A.Brocatus - ongepubliceerd)